woensdag 12 september 2018

Zondag 9 september – dag 13: Hanksville – Capitol Reef

Soms is het handig niet helemaal op je herinnering te vertrouwen. Of om in elk geval even goed op de kaart te kijken. In ons reisschema had ik na Monument Valley (wat dus Navajo NM werd en een extra stop in Hanksville) het Goblin Valley State Park opgenomen en daarna Capitol Reef. Op de wegwijzer in Hanksville stond echter Goblin SP aangegeven in noordoostelijke richting, en Capitol Reef naar het westen. Dat betekende dat het idioot zou zijn eerst Goblin SP aan te doen, want uiteindelijk moesten we naar het noordoosten. Dan zouden we gewoon heen-en-weer blijven rijden. We veranderden dus ter plekke de plannen en reden naar Capitol Reef, die oase van fruit en groen te midden van de rode rotsen. Op de gok, want ook hier heeft het door ons vervloekte reserveringssysteem zijn intrede gedaan. Eerst ontbeten we nog bij Duke’s, waar ik werkelijk de allerheerlijkste beker yoghurt met granola en een mix van verse bessen kreeg. Waarbij die laatste tot mijn grote plezier de overhand hadden.

Tegen twaalf uur, we hadden heel rustig aan gedaan omdat we dachten naar Goblin te gaan, meldden we ons bij de camphost. Ze had nog twee plaatsen vrij maar dacht dat we nummer 7 wel het fijnst zouden vinden. Op mijn vraag hoeveel ‘first come, first served’ ze dan vrij hielden gaf ze als antwoord ‘tien, maar de eerste vijf waren zo in beslag genomen door mensen die er twee weken bleven, dus had ik er maar vijf over. En daarvan zijn er nu al een paar dagen drie bezet.’ Dit geeft wel aan hoe onvriendelijk het systeem is voor mensen die níet hun vakantie van dag tot dag precies plannen, en dat ook nog een half jaar van tevoren. Ze had ook wel veel klachten gehad, vertelde ze. Nou ja, wij zouden plek 7 niet zelf uitgezocht hebben maar uiteindelijk stonden we er prima. Lekker veel schaduw, vlakbij de museumwinkel , de paardjes en last but not least uitzicht op de rotsen.



We bleven een hele tijd bij de tent. Beetje lezen, beetje schrijven, beetje slapen. En vooral genieten van deze unieke plek. Later reden we nog de scenic drive, waarbij we ook de dirt road naar de Grand Wash meenamen. En we bleven het maar tegen elkaar zeggen: wat is het hier toch onvoorstelbaar mooi. Het houdt gewoon niet op.



’s Avonds kwamen zoals altijd de hertjes weer het terrein op, op zoek naar gevallen appeltjes en ander lekkers. Dat blijft leuk om te zien. We bleven nog lekker lang zitten lezen en ik liet de uitspraak van de eeuw, die Bert vanmiddag deed toen we uitstapten aan het eind van de scenic drive, meermaals over mijn tong rollen: ‘Goh, er is hier helemaal niets veranderd!’. Ja dûh…die gesteenten hebben er miljoenen jaren over gedaan om zo gevormd te worden, nee, dan zal er in twee jaar inderdaad wel niet veel veranderd zijn. Waarvan akte.





Goh, er is hier helemaal niets veranderd 😁

maandag 10 september 2018

Zaterdag 8 september – dag 12: Navajo National Monument – Hanksville


Aardedonker was het hier ’s nachts. De sterrenhemel leek zó dichtbij dat je hem haast aan wilde raken. We hadden verwacht dat het ook behoorlijk af zou koelen, dat viel gelukkig reuze mee. Uitgerust zaten we dus vanmorgen aan de ochtendkoffie die op deze prachtplek extra lekker smaakte. Poes Moritz (ik heb hem maar zo genoemd omdat de kat van Inger en Daan Max heet, geen idee wie dit nog iets zegt trouwens…maar dan is er gelukkig Google dus zoek maar op!) kwam ons weer gezelschap houden. Hij moest zijn kans grijpen want we zouden na het ontbijt weer verder trekken. Dat ontbijt, dat zou vandaag bestaan uit yoghurt met granola en banaan. We pakten dus die spullen uit de auto, tenminste, dat probéérden we. Want geen banaan te bekennen.  Gevalletje goudvis?? Na enig nadenken kwamen we tot de conclusie dat de bananen in het zakje van de inpak-carrousel bij de Walmart waren achtergebleven. Nou ja, dan zonder. Ook lekker.

Voor we van de campground wegreden liepen we nog de Canyon Overlook Trail, alweer zo’n kippeneindje maar toch leuk om gedaan te hebben. Er zijn trouwens maar drie hele korte trails hier in het hele park, dus wil je veel wandelen kun je beter iets anders zoeken. Maar de campground…daar rijden we voor om!

Het uiteindelijke doel was Goblin Valley State Park, maar of we dat gingen halen wisten we niet zeker. We gingen maar gewoon op pad. Langs Monument Valley en Mexican Hat richting het noorden. Opeens bedacht ik dat we misschien dan nu eindelijk eens een keer de rit door Valley of the Gods konden doen. Dat hadden we al twee keer eerder geprobeerd, maar één keer konden we de afslag niet vinden en de tweede keer had het geregend waardoor de route onbegaanbaar geworden was. Zo bedacht zo gedaan, en het was echt meer dan schitterend. De dirt road was uitstekend onderhouden dus dat leverde geen enkel probleem op. In tegenstelling tot wat je in Monument Valley ziet, namelijk karren vol toeristen die moeite moeten doen hun ingewanden bij elkaar te houden, kwamen we hier maar een paar auto’s tegen. Kostte nog niks ook, en we konden bijna niet stoppen met het maken van foto’s. Kortom, aan alle kanten de moeite waard!





Na deze prachtrit kwamen we vanzelf uit op de weg-naar-boven, zo zal ik het maar omschrijven. Om op de weg langs de Glenn Canyon te komen moesten we via een ontzettend steile, onverharde  weg met legio haarspeldbochten naar boven. We hadden het al eerder gedaan, in beide richtingen ook, en eigenlijk valt het erg mee als je er eenmaal rijdt. Eenmaal op het plateau was het eerste stuk wat recht en eentonig, en daarna moesten we wéér om de vijf minuten uit de auto om foto’s te maken. Deze Hw 95, grofweg tussen Blanding en Hanksville, vinden wij de mooiste weg die we in Amerika gezien hebben, echt vele male mooier dan de zo geroemde Hw 12 tussen Torrey en Bryce. Ook al reden we dit voor de derde keer, het bleef overweldigend mooi. Dat ging eigenlijk zo door tot we bij Hanksville kwamen, een gehucht wat niet veel om het lijf heeft maar wel op het kruispunt ligt van de weg naar Capitol Reef en Moab. Daar weet de plaatselijke middenstand wel weg mee, en sinds jaar en dag is er dan ook een motel, een restaurant, een camping, en een supermarkt. Ook zijn er twee benzinestations, daar waren wij tien jaar geleden dolblij mee toen onze tank bijna leeg was en er onderweg niets te vinden was geweest.

(Weinig foto's van de route Hw95, ik reed en Bert stapte steeds uit om foto's te maken. Volgen later dus!)

Lunchpauze

Daar beneden, daar kwamen we vandaan

Op de muur bij het uitzichtpunt

Bij Duke’s campground konden we ons tentje voor $15 in het gras prikken op een zelf uit te zoeken plek. We wilden hier namelijk maar stoppen. Het was inmiddels zes uur, en we waren al lang op pad. Eten deden we bij Duke’s Grill en omdat er wifi was kon ik het blog wat bijwerken. Morgen dan naar Goblin State Park, daar kunnen we mooi vroeg aankomen. En dat was dag nummer 10 alweer.    

Vrijdag 7 september – dag 11: Wahweap (Page) – Navajo National Monument

Wahweap Campground, we staan er zo graag. Het is er altijd (te) heet, het waait er vaak hard. En toch. De plaatsen zijn ontzettend ruim, je staat wat hoger zodat je een prachtig uitzicht hebt op de bergen achter Lake Powell. Er is een grote loop voor alleen tenten zodat je geen last hebt van generatoren van de kolossale RV’s die hun airco natuurlijk wel draaiende moeten houden. Hele families pakken rustig voor één nacht hun hele en hebben uit om de volgende morgen vroeg met de meegenomen boot weer te vertrekken. En ’s avonds is het echt feest. In positieve zin. De feeërieke verlichting bij de sanitair-gebouwen in adobe stijl, de vuurtjes die gestookt worden, iedereen die een potje kookt  bij de tent (als het niet te hard waait!), het zorgt voor een sprookjesachtige sfeer. Zoals op praktisch geen enkel terrein in Amerka, de KOA’s uitgezonderd, wordt er ’s avonds niets verlicht. En hoeveel mensen er ook zijn, om negen uur  of uiterlijk half tien is het gewoon stil! Nachtrust dus gegarandeerd. Er zijn goede douches die wel nog apart betaald moeten worden, acht quarters maar dan mag je er ook een kwartier lang het vuil van je lijf weken. Wat best raar is in een gebied dat zo droog is. Bert had trouwens pech, zijn douche bleef koud. Bij melding daarvan kreeg hij wel direct zijn geld terug, van een stugge Indiaanse die geen spier in haar gezicht vertrok. Maar daar zijn ze hier sowieso goed in. Er is een goed voorziene kampwinkel en natuurlijk de mogelijkheid om de was te doen. Maar het gaat ons vooral om de unieke sfeer, en met enige weemoed verlieten we dus deze ochtend dit terrein.

We deden nog even een laatste boodschap bij de Walmart. Op weg ernaar toe viel een onnatuurlijk groen gebied ons op, midden in dit woestijnlandschap. We hadden het al vaker gezien en het verbaast ons elke keer weer: hoe kun je in vredesnaam een golfbaan aanleggen, waar zoveel water voor nodig is, in een gebied waar droogte echt een probleem is? De vraag stellen is hem beantwoorden: weinig aandacht voor de problematiek van anderen en geld. Het stuit vast mensen tegen de borst, dat weet ik, maar het is echt van de zotte. Misschien ligt het anders hoor, dan hoor ik het graag.

Goed, bananen gekocht voor onderweg, en toen konden we weer op pad. Richting Monument Valley en dan maar kijken waar we uit zouden komen. Langs de energiecentrale van de Navajo’s, in de buurt van de Antelope Canyons (die hebben we deze keer overgeslagen maar voor wie daar nog niet geweest is: doen!!!), via de 98 richting Kayenta. Tijdens het rijden bladerde ik wat in de Lonely Planet en las ik iets over het Navajo National Monument. Daar werd een mooie, schaduwrijke en bovendien gratis campground beschreven. We waren al vaker in de buurt geweest, maar de afslag hadden we nooit genomen. Het leek ons wel wat! Zowel de kaart als de routeplanner gaven aan dat de aanrijroute via Shonto, over de 221, de juiste was. Die weg was duidelijk net geasfalteerd, en al snel bereikten we Shonto. Een nederzetting van de Navajo, zoals je ze hier zoveel ziet, met haveloze huizen maar ook hier en daar een grotere, kennelijk recent gebouwde villa. Iets verderop stonden een paar watertorens en daarna ging de weg over in een dirt road. We reden een heel stuk, flink gas gevend want dan heb je veel minder last van de kuilen. Na een half uur kwamen we bij een splitsing waar we rechtsaf moesten. Oei, hier was het niet meer gewoon gravel maar mul zand en bovendien ging het omhoog. De aanduiding  op de navigatie ‘Betatakin Cliff Dwellings’ bevestigde mijn vermoeden dat we wel eens op een ander punt uit zouden kunnen komen dan bij het Visitor Center. Ik had namelijk gelezen dat die rotswoningen op enige afstand daarvan lagen. Tja, en dan zit er maar een ding op: omkeren. Wat we dus deden.

We reden terug naar de 98 en kwamen bij de junction met de 160. Daar was een groot Shell-station en omdat we de volgende dag een flink eind zouden rijden in een tamelijk onbewoond gebied vulden we de tank maar bij. Zelf namen we ook wat te eten en te drinken zodat ook wíj weer vooruit konden. Het was niet zomaar een benzinestation, het vervulde duidelijk een sociale functie. Er was een winkel, een enorm grote wasserette en er waren heel veel wc’s. Ik denk bij de dames wel zeker 12. Buiten op de stoep was het een en al gezelligheid. Er werd gegeten, gedronken en gelachen terwijl de wasmachines draaiden.  Een jonge moeder gaf open en bloot de borst aan een paar maanden oude baby, niemand keek ervan op. En dat in Amerika, waar preutsheid heer en meester is! Nou ja, in woord dan, dat bleek maar weer eens. De werkelijkheid liet zoals zo vaak een heel ander plaatje zien.  Een oude Indiaanse vrouw in traditionele kleding, met een prachtige karakteristiek hoofd, schuifelde voorzichtig de winkel binnen. Ik had haar graag op de foto willen zetten maar dat voelde ontzettend respectloos en dat heb ik dus ook niet gedaan.

Na deze onderbreking reden we moeiteloos en over een verharde weg alsnog naar het Navojo Monument. Er waren twee campgrounds waarvan de Sunset View de mooiste moest zijn, en dat klopte. We vonden een geweldige plek, midden in het bos, met veel schaduw. Echt een topper. Er waren wc’s met waterspoeling, zeepdispensers en handdoekautomaten. Kosten: $0! We hoefden er geen moment over na te denken en binnen een kwartier stond ons tentje alweer, met matjes en slaapzakken erin. We zetten de stoeltjes onder de jeneverbessen, Bert dook in zijn boek en ik schreef vast een paar blogberichten. Dat doe ik in Word, zodat ik het kan publiceren als we ergens internet hebben. Want ik heb dan wel zo’n leuke simkaart met 8G aan data, maar als je geen bereik hebt kun je daar niets mee….

Vlak voor zonsondergang liepen we de Sandals Trail. Dat stelde qua afstand niets voor, maar het leidde ons wel naar het punt van waaraf je de Betatakin Cliff Dwellings kon zien liggen aan de overkant van de canyon. Terug bij de tent kookten we een simpel maaltje en dat was dat zei de kat (er liep een kat op het terrein rond, af en toe ging hij gezellig bij ons in de buurt liggen).

N.B. Als we weer thuis zijn voeg ik ook foto's toe van de camera. Nu gaat het eerst even alleen met de foto's van mijn telefoon, die kan ik namelijk razendsnel invoegen.

De plek

De piepkleine zwarte stipjes net links van het midden zijn de rotswoningen

Moritz is de naam!

zondag 9 september 2018

Donderdag 6 september – dag 10: Wahweap (Page)


Even vooraf: tot nu toe is er op elke campground die we bezochten volop plaats. In Snowcanyon waren er weliswaar maar drie plaatsen vrij, maar daar zijn maar 12 plaatsen in totaal. In Bryce stond ook aangekondigd dat er op beide campgrounds in het park plaats was en voor zover wij zagen was er inderdaad slechts een klein deel bezet. Bij Wahweap waren er geen plaatsen meer voor Full Hookups, maar verder was er meer dan genoeg plek. ’s Avonds vulde het zich wel, maar vol werd het niet.

Stel je voor: een vrouw van een jaar of 80, vrij lang en tanig, met een huid die zó door de zon was aangetast dat hij leek op de schil van een overrijpe en verschrompelde avocado. Houd dit beeld een paar alinea’s vast.

Dinsdag had ik via internet de boottour geboekt over Lake Powell, naar de Rainbow Bridge. Twee jaar geleden deden we de kortere Antelope Canyon tour omdat Rainbow Bridge volgeboekt was en die laatste wilden we nu alsnog doen. Ik kreeg geen bevestiging, wat vreemd was, maar bij de balie van de campground zagen ze onze boeking staan (het is allemaal één bedrijf). Voor de zekerheid vroegen we nog even hoe laat het was, want vorige keer stonden we een uur te vroeg in de startblokken: opeens bleken we in Arizona te zijn waar het een uur vroeger is. De scheiding tussen Utah en Arizona loopt ongeveer dwars over de campground. Goed, check en dubbelcheck. Toch had ik voor de zekerheid naast de wekker ook een timer gezet, je wilt niet aan de kant staan en de boot net weg zien varen. Gevolg was wel dat ik de halve nacht wakker was, bang om me alsnog te verslapen. Maar niets aan de hand, we waren ruim op tijd. Zo op tijd dat we nog even gingen ontbijten in het hotel waar ook de incheckbalie voor de tour was. Bert nam koffie en pancakes, full size wat drie stuks betekende terwijl hij er meestal twee eet, en ik nam naast koffie de French toast met extra fruit. De pancakes waren enorm. Meestal hebben ze de grootte van een flink koffieschoteltje, deze hadden het formaat van een flinke Hollandse pannenkoek. Meer dan anderhalf kon  Bert met geen mogelijkheid verstouwen, ik kwam iets verder met de wentelteefjes. Fruit gaat er bij mij altijd in, ik word heel ongelukkig als ik daar te weinig van binnenkrijg. Net op tijd liepen we de eetzaal uit, ze waren al aan het boarden.

Bij het inchecken bleek onze naam niet op de lijst te staan. Zie je wel, ik dacht al dat er iets mis was gegaan! Maar na enig zoeken zag het meisje dat ze ons per ongeluk op gisteren geboekt hadden en dat kon moeiteloos overgezet. Deze vertraging zorgde er wel voor dat we niet meer op het bovendek konden zitten maar onder in de boot een plekje moesten zoeken. Jammer, dan zie je veel minder. Gelukkig mochten we wel op het achterdek staan, en daar stond ook een kist waar je op kon zitten dus dat hebben we op de heenreis naar de Rainbow Bridge gedaan. Het bleek achteraf ook nog een veel betere plek dan boven, waar het ten eerste vrij hard woei maar waar je ook de zon tegen had wat het maken van foto’s moeilijker maakte.

De boot was lang niet vol. Beneden zaten maar enkele mensen, waaronder een Japanse familie. De moeder droeg continu een portret van haar kennelijk overleden zoon bij zich, voor iedereen zichtbaar. Maar het was duidelijk haar – of hun – manier van rouwen en ook wel weer bijzonder om te zien. We kregen allemaal een koptelefoon en een kastje zodat we een audiotour konden beluisteren, dat was zeker de moeite waard. Over de tour kan ik verder kort zijn: die was fantastisch en een absolute aanrader! Je vaart uren lang door de Glenn Canyon en legt uiteindelijk zo’n 75 km verderop aan zodat je het beroemde monument kunt bezoeken. Deze grootste natuurlijke brug ter wereld is 88 meter hoog en 83 meter breed. Verschillende Amerikaanse indianenstammen hebben deze plek eeuwenlang gebruikt als een spiritueel centrum. Nog steeds wordt het als een heilige plek beschouwd waar je niet onder mag lopen, laat staan erop klimmen. Vergelijk dat eens met de discussie rond de hunebedden in Nederland…

Om bij de Rainbow te komen moesten we een klein stukje lopen. Ik denk een half uurtje al met al. Een klein beetje klimwerk kwam eraan te pas maar dat stelde weinig voor. En als je dan zag hoeveel moeite mensen daar mee hadden…schokkend gewoon. Hijgend en puffend kwamen ze boven, één man kon het zelfs niet opbrengen even te lachen toen zijn vrouw een foto van hem wilde maken. Dan valt het met onze conditie toch weer alleszins mee.








We hadden bij de Walmart een paar kaasbroodjes gehaald bij wijze van lunch, en die aten we op onder een afdakje. De gids – aardige vrouw – vroeg zich af wat wij toch voor broodjes hadden. Kaasbroodjes? Nog nooit van gehoord. We boden haar er een aan, hadden een zak vol en ze was helemaal verbaasd dat het zo lekker smaakte. Tja, het is hier al zoet wat de klok slaat. De andere gids kreeg er ook een en zo leerden we deze mensen in hun eigen land iets nieuws.

Toen we terugliepen naar de boot kwam er een gezelschap bodybuilders aan. Tenminste, dat leek zo. Allen goed gebruind en schaars gekleed, wat geen wonder was omdat iedereen hier de hele dag op het water zit. En daar was ze, de als avocado vermomde vrouw: in bikini! Terwijl de vellen erbij hingen. Je moet maar durven. Ik schatte haar 80+, maar Bert dacht dat ze zeker niet ouder dan 50 was. De zon had zijn verwoestende werk op de huid met precisie uitgevoerd. Toch vond ik het wel knap dat je zo, zonder je van iemand of iets wat aan te trekken, helemaal doet waar je zelf zin in hebt.

Terug bij de tent, de tocht had 7,5 uur geduurd, wilden we nog even het avondlicht bij Lone Rock vangen. Dat is zo mooi daar! Het was wel nog een eindje sjouwen, we zetten de auto boven bij de parkeerplaats en liepen naar de waterkant die een stuk verder was dan we dachten. Maar het was de moeite waard en een mooie afsluiting van deze schitterende dag.
(Ik overweeg nu om óók elke dag uren in de zon te gaan liggen, maar dan moet de mevrouw uit Las Vegas wel héél veel collageen gebruiken om mijn rimpeltjes weg te boetseren J)



Woensdag 5 september – dag 9: Glendale – Page (Wahweap)


Een goudvis heeft het geheugen van…juist, een goudvis. Een keer de kom rond en hij is alles al vergeten. Soms, nou ja, best vaak, is een van ons die goudvis. Vandaag was ik aan de beurt. Eindeloos zocht ik naar mijn nieuwe, grote fles shampoo en de nog grotere fles douchegel. Die koop ik altijd hier ter plekke en sjouw het dan mee naar Nederland zodat ik nog zo lang mogelijk het Amerika-gevoel houd. Elke gek heeft z’n gebrek. Maar goed, ik had echt alles overhoop gehaald en dat was nogal veel, want ondanks mijn lijstje toch weer teveel kleren mee, nul resultaat. Dus maar de miniverpakkingen uit het hotel in Las Vegas gebruikt die ik gelukkig had meegenomen. Ik loop na het douchen terug naar tent en auto en opeens sc hoot het me te binnen: in zijvak van mijn tas, het enige waar ik niet gekeken had. Ja hoor. En toen herinnerde ik me dat ik zelfs nog aan Bert gevraagd had me te helpen onthouden omdat ik het vast zou vergeten. Wat hem tot goudvis nummer twee maakte vandaag, want hij had ook geen idéé meer! Lekker stel zijn we.

Ontbijten deden we bij de Kolibri, bij Carmel Junction. Daar hebben ze heerlijke huisgemaakte pie die het ook als ontbijt uitstekend deed. We reden vlot door en tegen één uur kwamen we aan bij Wahweap. Daar had ik gisteren plaats 25 gereserveerd vanwege goede schaduw alsmede een lange boottour naar Rainbow Bridge, dat wilden we morgen gaan doen. Plaats 25 was inderdaad vrijgehouden voor ons. Wij blij, want als er één ding is dat je nodig hebt daar is het schaduw en die is maar mondjesmaat aanwezig, de boompjes groeien erg langzaam. Goed, wij reden naar loop 1 (tent only) en zochten naar plaats 25. Die was er natuurlijk, maar waar was de schaduw?? Weg!l Een van de weinige grotere bomen van het terrein was geheel gekortwiekt! Er resteerde slechts de stam, met een paar zijtakken eraan. Wat nu? Ach, gewoon op zoek naar een andere plek. En die vonden we al snel, nummer 19. Drie boompjes maar liefst dus we konden altijd wel ergens uit de zon zitten.  De tent stond een stuk sneller dan twee jaar geleden toen hij door de harde wind uit onze handen geslagen werd en het bijna niet lukte hem op te zetten. Het begon echter nu toen de tent net stond ook te waaien en de pennen die bijgeleverd waren trokken net zo makkelijk uit de grond als ze erin gegaan waren. Terwijl we aan het overleggen waren hoe dat op te lossen vloog er een eindje verderop een tentje de lucht in, met inhoud en al, om een paar meter verder tegen een paar bosjes te belanden. We moesten dus echt iets. Het werd een gang naar de WalMart. Daar kochten we rotspennen en ook nog een set extra stevige, driekantige aluminiumpennen waarmee we bij thuiskomst  - of is het hier tentkomst? - de lijnen strak en stevig konden fixeren.


Het eten ’s avonds werd ook nog een hele uitdaging. De wind was aangewakkerd tot een halve storm, en er was geen schijn van kans dat we bij de tent konden koken. Na enig nadenken brachten we alle kookspullen naar een ommuurd stukje bij het sanitair blok, waar we ons pannetje rijst-met-groenten vlot aan de kook kregen. Terwijl dat aan het garen was hakten wij een vers gegrilde warme kip in stukken, die lag namelijk bij de Walmart op ons te wachten, en kloven hem tot op het bot af. Hij was verrukkelijk! De rijst heeft het helaas die avond niet gered tot onze magen…




woensdag 5 september 2018

Dinsdag 4 september - dag 8: Glendale (Zion)

Vandaag hing er een engeltje boven onze tent. Ik kom erop terug.

Gisteren hadden we allebei tegelijk dezelfde gedachte: we wilden graag nog eens de wandeling in Bryce overdoen die we in 2010 gemaakt hadden. Een paar jaar geleden hadden we ook al een poging gedaan, maar net toen we er aankwamen barstte er hevig onweer los. Nu leek de weersverwachting gunstiger en bovendien was het qua afstand heel goed te doen vanaf Glendale. 

Het was nog vroeg toen we de motorrijders, waar ik gisteravond mee aan de praat was geraakt, een goede reis wensten. Een van hen had namelijk 'goedendag' geroepen toen hij hoorde waar ik vandaan kwam. Het bleek dat hij een Nederlandse vader had en ook nog familie in Amsterdam en Den Haag. Altijd leuk, zulke ontmoetingen. Eén van hen vertelde dat we beslist apple pie moesten gaan eten bij Julian, als we in de buurt van San Diego waren. Hijzelf at die graag als ontbijt, als lunch én als avondeten. Dat kon je ook wel zien trouwens. 😉 Maar goed, we waren dus vroeg op pad. Het was behoorlijk afgekoeld en we hadden onze thermokleding hard nodig gehad vannacht. Dat weerhield ons er ook van zelf koffie te zetten. Beetje te koud nog. Onderweg stopten we dus bij een café ergens in nowhere land dat de aanduiding 'Excellent!  By Tripadvisor ' trots op de voordeur had geplakt. Onze verwachtingen ten aanzien van het ontbijt waren dan ook hoog gespannen. Er zaten al enkele mensen te ontbijten en wij confisqueerden een tafel bij het raam. We wachtten op iemand die de bestelling op kwam nemen. En wachtten. En wachtten. Tot Bert zei "volgens mij moeten we het zelf bestellen in de winkel!" Er zat namelijk een soort van winkel aan vast, die zo te zien een inventaris had overgenomen uit een voormalig oostblokland. Er waren namelijk alleen maar bijna-lege schappen. Maar er stond inderdaad iemand achter de kassa en daar bestelden we koffie plus een two-eggs breakfast. De koffie mochten we zelf in piepschuim bekers tappen uit een grote warmhoudfles, niks mis mee. Al snel daarna kwam de rest van het ontbijt: op plastic bordjes lag een bergje roerei en daarnaast iets ondefinieerbaars wat leek op driehoekige kaassouflé's maar bij nader inzien de beloofde hash browns waren. Verder een paar stukjes obligate toast. Allemaal best ok hoor, behalve dat de hash browns voornamelijk naar frituur smaakten. Maar om dit nou excellent te noemen....nee. En dan die plastic borden, dat draagt vast weer bij aan de plastic soup. 

Onze magen waren in ieder geval gevuld, en om half elf reden we het park binnen. We reden naar het Sunset Point en liepen de Queen's Garden Trail met daaraan gekoppelde de Navajo Trail, bij elkaar twee tot drie uur lopen. Het weer leek zich prima te houden hoewel er wel wat onweer voorspeld was en we om ons heen nogal wat donkere wolken zagen. Het is geen moeilijke trail, de uitdaging zit hem vooral in het laatste stuk waarbij je flink omhoog moet klimmen. Verder was het alleen maar prachtig, precies zoals we het in onze herinnering hadden. Hoewel we zeker niet de enigen waren was het ook beslist niet druk te noemen. De klim aan het eind was inderdaad pittig, niet alleen omdat de zon weer flink meedeed maar ook omdat we aan de hoogte moesten wennen: we zaten op 2600 meter. Met een korte adempauze op elk stukje beschaduwd pad, net zoals alle andere wandelaars dat deden, kwamen we toch heelhuids boven. We reden nog wat andere uitzichtpunten af, lunchten uit de koelbox en reden toen terug naar huis, eh...pardon, de tent. Onderweg zagen we iemand die een groot beest (ik denk de dode wolf die we op de heenweg aan de kant van de weg hadden zien liggen) van het wegdek schraapte en een markering aanbracht i.v.m. registratie. Tja, dat gebeurt. In Orderville haalden we champignons, bananen en een nieuwe fles Clamato zodat we weer vooruit konden met de inwendige mens. Bij de campground had het flink geregend. Er stonden plassen op het pad en de auto had sokjes aangetrokken zagen we toen we uitstapten. We liepen naar de tent. Shit, de deur stond nog open!!! En het had gegoten! 

Hier komt het engeltje om de hoek kijken. De strook groen waar onze tent op stond was ongeveer twintig meter breed. Dan een pad, en dan nog een strook van een meter of tien. Het had óveral geregend, behalve op de laatste vijf meter van onze groenstrook! Alles was droog! Je verzint het niet...

N.B. foto's zijn allemaal genomen met mijn telefoon. Dat maakt het stukken makkelijker om ze op het blog te plaatsen. De kwaliteit is natuurlijk niet zo goed als met de camera maar het geeft een beeld.







De auto met sokjes aan


Maandag 3 september - dag 7: Glendale (Zion)

'Maak er een relaxte reis van' schreef iemand op het AllesAmerika forum. Nou, dat deden we: vandaag deden we helemaal niks! Lekker luieren bij de tent, beetje schrijven, beetje lezen, koffie, dat soort dingen. In de drukte van Zion hadden we helemaal geen trek. Vandaag is het namelijk Labor Day, en dat betekent dat ongeveer alle Amerikanen - dat wil zeggen, zij die de mogelijkheid hebben - erop uit trekken. Het hele weekend, want Labor Day is een soort 1 mei zoals wij dat kennen maar hier niet gekoppeld aan een vaste datum. Het is de maandag na het eerste weekend in september zodat iedereen een lang weekend heeft. Dat was ook de reden dat het in Zion zo belachelijk druk was. 

Aan het eind van de middag reden we naar Kanab om te eten in het Rocking V café. Dat leek ons wel een leuke afsluiting van de dag, en omdat we hier wat langer wilden blijven zouden we de geplande overnachting daar overslaan. Voor de zekerheid keek ik nog even op internet en daar las ik dat het café - echt een aanrader! - morgen en overmorgen gesloten zou zijn. Wat een mazzel! 

In Kanab liepen we eerst de buitensportwinkel binnen die ook Allstars verkoopt. Elke keer is de begroeting hetzelfde: 'Welcome, you are so lucky, we have thirty percent off on everything!' Maar feit blijft dat we er al een paar keer echte originele Allstars voor €28 gekocht hebben. We lopen er nog steeds op. Deze keer hadden ze een actie: twee voor de prijs van één. Er was echter niets in mijn maat, dus ging er eerst een appje naar de dochters om te vragen of zij nog belangstelling hadden. We zouden hier sowieso overmorgen nog langsrijden op weg naar Page. 

Bij het Rocking V Café kregen we snel een plaatsje en na enig wikken en wegen namen we toch allebei een aparte portie (meestal delen we). We hadden eerst soep, Bert iets pittigs met bonen, en ik de onovertroffen tomaten-basilicum. De mevrouw die ons bediende kwam ook nog een kom aardappel-bacon-knoflooksoep brengen dus die deelden we wel. Het was allemaal verrukkelijk. Daarna black tiger shrimps met sugarsnaps geserveerd op linguine. Ook al zo lekker. Als toetje namen we samen één lemon pie. Té goed gevuld reden we terug naar de tent waar het best koud was. We trokken onze thermokleding aan en doken diep weg in onze slaapzak. Morgen gaan we naar Bryce!