maandag 10 september 2018

Vrijdag 7 september – dag 11: Wahweap (Page) – Navajo National Monument

Wahweap Campground, we staan er zo graag. Het is er altijd (te) heet, het waait er vaak hard. En toch. De plaatsen zijn ontzettend ruim, je staat wat hoger zodat je een prachtig uitzicht hebt op de bergen achter Lake Powell. Er is een grote loop voor alleen tenten zodat je geen last hebt van generatoren van de kolossale RV’s die hun airco natuurlijk wel draaiende moeten houden. Hele families pakken rustig voor één nacht hun hele en hebben uit om de volgende morgen vroeg met de meegenomen boot weer te vertrekken. En ’s avonds is het echt feest. In positieve zin. De feeërieke verlichting bij de sanitair-gebouwen in adobe stijl, de vuurtjes die gestookt worden, iedereen die een potje kookt  bij de tent (als het niet te hard waait!), het zorgt voor een sprookjesachtige sfeer. Zoals op praktisch geen enkel terrein in Amerka, de KOA’s uitgezonderd, wordt er ’s avonds niets verlicht. En hoeveel mensen er ook zijn, om negen uur  of uiterlijk half tien is het gewoon stil! Nachtrust dus gegarandeerd. Er zijn goede douches die wel nog apart betaald moeten worden, acht quarters maar dan mag je er ook een kwartier lang het vuil van je lijf weken. Wat best raar is in een gebied dat zo droog is. Bert had trouwens pech, zijn douche bleef koud. Bij melding daarvan kreeg hij wel direct zijn geld terug, van een stugge Indiaanse die geen spier in haar gezicht vertrok. Maar daar zijn ze hier sowieso goed in. Er is een goed voorziene kampwinkel en natuurlijk de mogelijkheid om de was te doen. Maar het gaat ons vooral om de unieke sfeer, en met enige weemoed verlieten we dus deze ochtend dit terrein.

We deden nog even een laatste boodschap bij de Walmart. Op weg ernaar toe viel een onnatuurlijk groen gebied ons op, midden in dit woestijnlandschap. We hadden het al vaker gezien en het verbaast ons elke keer weer: hoe kun je in vredesnaam een golfbaan aanleggen, waar zoveel water voor nodig is, in een gebied waar droogte echt een probleem is? De vraag stellen is hem beantwoorden: weinig aandacht voor de problematiek van anderen en geld. Het stuit vast mensen tegen de borst, dat weet ik, maar het is echt van de zotte. Misschien ligt het anders hoor, dan hoor ik het graag.

Goed, bananen gekocht voor onderweg, en toen konden we weer op pad. Richting Monument Valley en dan maar kijken waar we uit zouden komen. Langs de energiecentrale van de Navajo’s, in de buurt van de Antelope Canyons (die hebben we deze keer overgeslagen maar voor wie daar nog niet geweest is: doen!!!), via de 98 richting Kayenta. Tijdens het rijden bladerde ik wat in de Lonely Planet en las ik iets over het Navajo National Monument. Daar werd een mooie, schaduwrijke en bovendien gratis campground beschreven. We waren al vaker in de buurt geweest, maar de afslag hadden we nooit genomen. Het leek ons wel wat! Zowel de kaart als de routeplanner gaven aan dat de aanrijroute via Shonto, over de 221, de juiste was. Die weg was duidelijk net geasfalteerd, en al snel bereikten we Shonto. Een nederzetting van de Navajo, zoals je ze hier zoveel ziet, met haveloze huizen maar ook hier en daar een grotere, kennelijk recent gebouwde villa. Iets verderop stonden een paar watertorens en daarna ging de weg over in een dirt road. We reden een heel stuk, flink gas gevend want dan heb je veel minder last van de kuilen. Na een half uur kwamen we bij een splitsing waar we rechtsaf moesten. Oei, hier was het niet meer gewoon gravel maar mul zand en bovendien ging het omhoog. De aanduiding  op de navigatie ‘Betatakin Cliff Dwellings’ bevestigde mijn vermoeden dat we wel eens op een ander punt uit zouden kunnen komen dan bij het Visitor Center. Ik had namelijk gelezen dat die rotswoningen op enige afstand daarvan lagen. Tja, en dan zit er maar een ding op: omkeren. Wat we dus deden.

We reden terug naar de 98 en kwamen bij de junction met de 160. Daar was een groot Shell-station en omdat we de volgende dag een flink eind zouden rijden in een tamelijk onbewoond gebied vulden we de tank maar bij. Zelf namen we ook wat te eten en te drinken zodat ook wíj weer vooruit konden. Het was niet zomaar een benzinestation, het vervulde duidelijk een sociale functie. Er was een winkel, een enorm grote wasserette en er waren heel veel wc’s. Ik denk bij de dames wel zeker 12. Buiten op de stoep was het een en al gezelligheid. Er werd gegeten, gedronken en gelachen terwijl de wasmachines draaiden.  Een jonge moeder gaf open en bloot de borst aan een paar maanden oude baby, niemand keek ervan op. En dat in Amerika, waar preutsheid heer en meester is! Nou ja, in woord dan, dat bleek maar weer eens. De werkelijkheid liet zoals zo vaak een heel ander plaatje zien.  Een oude Indiaanse vrouw in traditionele kleding, met een prachtige karakteristiek hoofd, schuifelde voorzichtig de winkel binnen. Ik had haar graag op de foto willen zetten maar dat voelde ontzettend respectloos en dat heb ik dus ook niet gedaan.

Na deze onderbreking reden we moeiteloos en over een verharde weg alsnog naar het Navojo Monument. Er waren twee campgrounds waarvan de Sunset View de mooiste moest zijn, en dat klopte. We vonden een geweldige plek, midden in het bos, met veel schaduw. Echt een topper. Er waren wc’s met waterspoeling, zeepdispensers en handdoekautomaten. Kosten: $0! We hoefden er geen moment over na te denken en binnen een kwartier stond ons tentje alweer, met matjes en slaapzakken erin. We zetten de stoeltjes onder de jeneverbessen, Bert dook in zijn boek en ik schreef vast een paar blogberichten. Dat doe ik in Word, zodat ik het kan publiceren als we ergens internet hebben. Want ik heb dan wel zo’n leuke simkaart met 8G aan data, maar als je geen bereik hebt kun je daar niets mee….

Vlak voor zonsondergang liepen we de Sandals Trail. Dat stelde qua afstand niets voor, maar het leidde ons wel naar het punt van waaraf je de Betatakin Cliff Dwellings kon zien liggen aan de overkant van de canyon. Terug bij de tent kookten we een simpel maaltje en dat was dat zei de kat (er liep een kat op het terrein rond, af en toe ging hij gezellig bij ons in de buurt liggen).

N.B. Als we weer thuis zijn voeg ik ook foto's toe van de camera. Nu gaat het eerst even alleen met de foto's van mijn telefoon, die kan ik namelijk razendsnel invoegen.

De plek

De piepkleine zwarte stipjes net links van het midden zijn de rotswoningen

Moritz is de naam!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten