donderdag 19 september 2019

Zondag 15 september – dag 22: Telluride – Paonia


We werden wakker met het hoofd in de wolken. Nou ja, het was bewolkt. En er stond een stevige wind. Tijd om op te breken dus. Wat hadden we geboft met het weer gisteren en eergisteren! Een stralend blauwe hemel, een schitterende omgeving en een prachtplek om daarvan te genieten; wat wil een mens nog meer?


Het doel vandaag was Paonia State Park en wel de daarbij behorende campground. De tocht was alweer ongelooflijk mooi, er komt hier geen eind aan. We raken gewoon verwend! In Montrose zochten we de Walmart op, we tankten er en haalden brood plus beleg voor de lunch. Het was druk in de winkel. We constateerden dat de helft van de mensen in de kerk zat en de andere helft in de Walmart.


Onderweg viel ons weer op hoe anoniem de vrachtwagens hier door het leven gaan: er is nauwelijks reclame op te zien. Waar ze zich in Nederland als rijdende billboards manifesteren moet je hier raden naar de inhoud. In Delta namen we de afslag richting Paonia en waren we de drukte op de weg meteen kwijt. Wel dienden zich donkere wolken aan. Op mijn telefoon checkte ik de weersverwachting voor het gebied waar we heen wilden, daar zou het ’s avonds en ’s nachts flink tekeer gaan. We stopten nog even bij een boomgaard waar ze ook een kleine camping hadden, in de hoop dat er ook een schuilmogelijkheid was, maar er waren alleen maar rijen met volbeladen appelbomen. Daar kon je tussen gaan staan. We keken elkaar eens aan en zeiden gelijktijdig: hotel! In Paonia vroegen we eerst bij het Rocky Mountain Inn naar de prijzen. Die vielen ons niet mee: $115 voor een kamer met full kitchen, $100 voor een kamer zonder die voorzieningen. Hoewel het er erg aantrekkelijk uitzag, met een prachtig aangelegde binnentuin vol bloemen, planten en beelden, reden we toch door naar een ander motel. Om te horen dat de prijzen daar net zo hoog waren. Toen we vroegen hoe dat zo kwam vertelde het meisje van de receptie dat de prijzen in Colorado de afgelopen vijf jaar enorm gestegen waren, in navolging van Californië en Nevada. En het eind was nog lang niet in zicht…


We reden terug naar de Rocky Mountain Inn, waar we toch de kamer-met-keuken namen. Konden we ons eigen potje koken en ook de volgende ochtend ontbijten. Het werd geen teleurstelling. De kamer was ruim en de keuken van alle gemakken voorzien, inclusief oven en afwasmachine. We installeerden ons in de binnentuin met een glaasje wijn, voor de verandering eens in echte wijnglazen geschonken. Daarna dook Bert onder de douche en ik werkte het blog bij. Ieder z’n ding.







’s Avonds, toen we na het eten weer in ons prieel zaten, kwam de manager met een bijzondere vraag. Zijn vrouw spaarde munten, hadden wij misschien iets uit Nederland? Hij wilde er graag voor betalen. Na enig graven kon Bert hem twee munten overhandigen: 1x €1 en 1x €2. Nee, natuurlijk hoefden we er geen geld voor. We raakten aan de praat, complimenteerden de man met de schitterende tuin en hoorden toen dat ze er pas twee maanden zaten. Ze kwamen uit Texas, hij, zijn vrouw en hun zeventienjarige zoon, en hadden daar zo hard moeten werken dat ze elkaar nauwelijks zagen. Nu draaiden ze met z’n tweeën op als manager voor dit juweeltje van een motel, waarbij ze wel alle voorkomende werkzaamheden moesten doen. Ook de kamers schoonhouden, bedden opmaken, de tuin. Maar ze waren dolgelukkig met deze keuze. Hun zoon zat in het laatste jaar van de highschool en zou daarna de opleiding tot Park Ranger gaan volgen,  een studie van vier jaar.

Het was heerlijk om weer eens in een gewoon bed te slapen, en om genoeg licht te hebben zodat we niet helemaal om half negen de dag al af moesten sluiten. Wat een luxe!


P.S. Paonia is trouwens een bijzondere plaats, met een kleurrijk aanzien:







Geen opmerkingen:

Een reactie posten